website
header04
header02
header03

Interventieradiologie

Interventieradiologie betreft ingrepen (interventies) binnenin het lichaam van de patiënt via een klein aanprikgaatje door de huid, met gebruik van naalden, voerdraden en katheters. Deze interventies worden uitgevoerd onder controle van röntgendoorlichting, echografie, CT-scan en sinds kort ook de MRI. Interventieradiologie wordt zowel voor diagnostiek als behandeling ingezet. De interventies worden uitgevoerd door een interventieradioloog, een medisch specialist (radioloog), die verder opgeleid is om deze interventies uit te voeren.

 

Soms is interventieradiologie de enige mogelijkheid voor behandeling. Vaak echter wordt veel ingrijpender chirurgisch handelen (opereren) hiermee overbodig gemaakt. Bij interventieradiologie is er namelijk geen groot operatiegebied. De radioloog werkt via een 2 tot 3 mm kleine insteekopening in de huid. Algehele narcose is (meestal) niet nodig: de ingrepen vinden plaats onder slechts plaatselijke huidverdoving of onder een licht roesje. Het kleine aanprikgaatje in de huid verlaagt de kans op wondinfectie. De interventies kunnen daarom worden verricht op de radiologieafdeling in plaats van op de operatiekamer. De patiënt herstelt ook veel sneller na de ingreep. Het ziekenhuisverblijf beperkt zich tot een halve dagopname van enkele uren.

 

Het Admiraal de Ruyter Ziekenhuis heeft een interventieradioloog en gespecialiseerd laborant 7 dagen per week, 24 uur per dag, beschikbaar voor een aantal acute ingrepen. Bij acute ingrepen kunt u denken aan het stoppen van inwendige bloedingen, het dotteren van dichtgeraakte bloedvaten, drainages van galwegen, urinewegen of abcessen.

 

Voorbeelden van interventies:

 

Embolisatie

het afsluiten van een bloedvat. Bijvoorbeeld het afsluiten van de bloedtoevoer naar een vleesboom in de baarmoeder zodat deze verschrompelt (uterus embolisatie). Hiermee is operatief ingrijpen via het openen van de buik in de meeste gevallen overbodig.

 

Dr Tiethof toont beelden uterus embolisatie.

 

Percutane Transluminale Angioplastiek (PTA)

betekent het dotteren van een bloedvat met een ballonnetje. Percutaan betekent ‘via de huid’. Het doel van een PTA is om een vernauwd bloedvat weer open te maken zodat er weer voldoende bloed doorheen kan stromen. Als het dotteren niet het gewenste resultaat geeft kan het zijn dat de radioloog bepaalt om een stent te plaatsen. Een stent is een metalen netwerkje in de vorm van een buisje wat het bloedvat open houdt. De stent blijft permanent in het bloedvat.

 

Drainage

bijvoorbeeld bij een belemmering van de afvoer van de gal naar de dunne darm. U krijgt dan een min of meer gele kleur omdat de gal zich in het bloed ophoopt. Doel van deze interventie is de obstructie/vernauwing van de galwegen op te heffen zodat de gal weer kan doorstromen (inwendige drainage van de gal naar de dunne darm). Het kan zijn dat dit niet direct inwendig lukt en men de drain naar een opvangzakje buiten het lichaam leidt, zodat de gal alsnog kan afvloeien (uitwendige drain, dit is een tijdelijke situatie). Een paar dagen later wordt dan opnieuw geprobeerd alsnog een inwendige drain aan te brengen.

 

Meer informatie vindt u onder Folders en via onderstaande links.

 

Links:

www.ngir.nl

www.radiologen.nl (zie onder: niet-radiologen/patientenvoorlichting)

 

Om deze website optimaal te laten functioneren gebruiken wij cookies. Voor meer informatie zie ons cookiebeleid.