De lever is een belangrijk orgaan die in het lichaam veel functies heeft. Wanneer er sprake is van levercirrose is het leverweefsel onherstelbaar beschadigd. Levercellen gaan eerst ontsteken en sterven daarna af. De afgestorven levercellen worden vervolgens vervangen door littekenweefsel. De lever raakt steeds meer beschadigd en gaat steeds minder goed werken.
Oorzaken
Levercirrose kan ontstaan door een chronische infectie (hepatitis), vervetting van de lever bij ernstig overgewicht, vergiftiging na bijvoorbeeld overmatig alcohol- of medicijngebruik of door een (erfelijke) ziekte.
Klachten
Levercirrose ontstaat langzaam. In het begin zijn er vaak geen of nauwelijks klachten of symptomen. Deze ontstaan pas als de lever meer beschadigd raakt. Klachten en symptomen die kunnen optreden bij levercirrose zijn: vermoeidheid, verlies van spiermassa, buikpijn, verminderde eetlust, smaakverandering, snel een vol gevoel, misselijkheid, braken, gewichtsverlies, jeuk en geelzucht (icterus). Als de levercirrose langer bestaat, kunnen er complicaties optreden zoals ophoping van vocht in de buikholte (ascites) en vocht in de enkels of stoornis van het bewustzijn door ophoping van afvalstoffen in het bloed (encefalopathie).
Voeding
De voedingsadviezen bij levercirrose zijn erop gericht om uw conditie zo goed mogelijk in stand te houden en complicaties of het risico daarop te verminderen. Zorg ervoor dat u gevarieerd eet, zodat het lichaam alle voedingsstoffen binnen krijgt die het nodig heeft.
Energie
Mensen met levercirrose hebben een groter risico om ondervoed te raken. Dit komt aan de ene kant door de hogere energie- en eiwitbehoefte en aan de andere kant door een verminderde voedingsinname als gevolg van een verminderde eetlust, misselijkheid of een vol gevoel. Hierdoor kan gewichtsverlies ontstaan wat kan leiden tot ondervoeding. Ondervoeding heeft een negatief effect op het ziekteverloop. Het is dus belangrijk om ondervoeding te voorkomen en/of te bestrijden.
Eiwitten
Eiwitten zijn de bouwstoffen van ons lichaam en worden onder andere gebruikt voor de opbouw en het behoud van spieren. Eiwitten komen met name voor in vlees, vis, gevogelte, vleeswaren, eieren, melk- en melkproducten, kaas, noten, sojaproducten, vleesvervangers en peulvruchten zoals witte en bruine bonen, kapucijners en linzen.
Brood, beschuit, aardappelen, rijst, deegwaren, groente en fruit bevatten in mindere mate eiwitten.
Energie- en eiwitverrijkte adviezen
- Eet regelmatig: gebruik zes tot zeven kleine maaltijden per dag.
- Kies voor volvette producten zoals volle melk, volle yoghurt, volvette kaas.
- Kies voor krentenbrood, een luxe broodje of tosti in plaats van gewoon brood.
- Besmeer brood met margarine of roomboter.
- Gebruik royaal broodbeleg zoals (smeer)kaas, vleeswaren, vis, pindakaas of (roer)ei.
- Gebruik bij de hoofdmaaltijden een melkproduct zoals een glas melk of chocolademelk, schaaltje yoghurt, vla of kwark.
- Maak gebruik van tussendoortje zoals blokjes kaas, plakjes vleeswaren, cracker met hartig beleg, (ongezouten) noten of pinda’s, melkproducten zoals skyr, kwark en vla.
Soms is het gebruik van dieetpreparaten zoals drinkvoeding op advies van de diëtist noodzakelijk.
Koolhydraten
Een gezonde lever heeft koolhydraten op voorraad om te gebruiken voor energie wanneer dat nodig is. Koolhydraten komen in de voeding voor in de vorm van zetmeel (o.a. brood, aardappelen, rijst en pasta), melksuiker (o.a. melk, yoghurt, vla en kwark), vruchtensuiker (fruit en vruchtensappen) en suiker (gebak, snoep, frisdrank, koekjes en suiker uit de suikerpot). Bij levercirrose is de opslag van koolhydraten in de lever verminderd. Uit onderzoek is gebleken dat mensen met levercirrose al een tekort aan koolhydraten kunnen krijgen als ze 6 tot 10 uur lang niets eten. Het lichaam heeft energie nodig en gaat daarom op zoek naar een alternatieve energiebron. Als zo’n tekort optreedt wordt spiermassa als energiebron gebruikt, waardoor de spiermassa en spierkracht verminderen.
Om dit te voorkomen is het belangrijk om:
- Direct na het opstaan te ontbijten.
- De periode van ‘vasten’ in de nacht zo kort mogelijk te houden. Daarom wordt aanbevolen vlak voor het slapen een (kleine) maaltijd te gebruiken. Dit wordt de ‘bedtime snack’ genoemd. De ‘bedtime snack’ is een maaltijd die genoeg koolhydraten en eiwitten (200-250 kcal en 15-20 gram eiwit) levert om de nacht mee door te komen.
Onderstaand een aantal voorbeelden van ‘bedtime snacks’. Ook bij diabetes is een ‘bedtime snack’ van belang. Overleg met de diëtist en/of diabetesverpleegkundige over een goede ‘bedtime snack’ en de diabetesmedicatie.
Alcohol
Alcohol kan de oorzaak zijn van leverproblemen en het zorgt voor verdere verslechtering van de leverfunctie. Gebruik daarom géén alcohol aangezien de lever dit niet meer af kan breken.
Preventie van Hepatitis E
Bij een chronische leveraandoening (zoals levercirrose) is het risico op besmetting met het hepatitis E-virus groter. Het hepatitis E-virus kan voorkomen in het vlees van varkens, wild zwijn en edelhert. Door het vlees goed te verhitten kan het virus niet overleven. Kies daarnaast geen worsten en vleeswaren waarin rauw of onvoldoende verhit varkensvlees verwerkt zijn, zoals leverworst, paté, bloedworst, boerenmetworst, salami, chorizo en fuet.
Vitamines en mineralen
Bij levercirrose bestaat een grotere kans op tekorten aan vitamines en mineralen. Botontkalking komt vaak voor door een tekort aan vitamine D. Bij overmatig alcoholgebruik kan een tekort ontstaan aan B-vitamines. Overleg met de arts of een multivitaminen/mineralen preparaat nodig is.
Natriumbeperking bij vochtophoping in de buik (ascites)
Natrium is een onderdeel van keukenzout. Natrium is nodig voor het goed functioneren van het lichaam (de zogenaamde water- en zouthuishouding). Natrium houdt vocht vast en als er een stoornis is in het lichaam, dan kan het lichaam het overtollig vocht niet kwijtraken. Het is dan nodig de toevoer van natrium via de voeding te verminderen. Bij ascites wordt geadviseerd een natriumbeperking aan te houden van maximaal 2000 mg natrium = 5 gram zout per dag.
Adviezen:
- Voeg geen zout toe aan de warme maaltijd. U kunt eventueel gebruik maken van kruiden zonder zout en specerijen om de maaltijd op smaak te brengen;
- Beperk producten die van zichzelf erg zout zijn.
Natriumrijke producten
Onderstaande producten bevatten veel zout en dienen niet of zo weinig mogelijk gebruikt te worden:
- Kruidenmengsels zoals vlees- en gehaktkruiden, viskruiden e.d.;
- Smaakmakers zoals maggi, soeparoma, aromat, bouillonblokjes of- poeders, ketjap, sambal, mosterd, mayonaise, ketchup en tomatenpuree;
- Mixen voor sauzen, jus en soepen;
- Kant-en-klare maaltijden, sauzen en soepen;
- Kant- en klare vlees- en visproducten zoals rookworst, hamburgers, saucijzen, gepaneerd vlees, zoute haring en gerookte vis;
- Vleeswaren zoals rauwe ham, rollade, rookvlees, bacon, ontbijtspek en alle soorten worst;
- Snacks zoals kroket, frikandel, loempia, nasibal, pizzabroodjes en andere hartige broodjes;
- Zoute tussendoortjes zoals gezouten noten, chips, kaaszoutjes;
- Groenten uit blik of glas.
Natriumarme producten
Verse en onbewerkte voedingsmiddelen bevatten maar weinig zout. ‘Onbewerkt’ wil zeggen: niet gemarineerd en zonder dressing.
Specerijen en tuinkruiden
Kruiden en specerijen geven kleur, geur en smaak aan het eten. Dit kan een geschikte toevoeging zijn, aangezien kruiden en specerijen van nature weinig zout bevatten.
Voorbeelden van specerijen zijn peper, nootmuskaat, kruidnagel, kerrie, gemberpoeder, kaneel, cayennepeper, laurier en paprikapoeder.
Tuinkruiden zijn in diverse vormen verkrijgbaar: vers, gedroogd of ingevroren. Voorbeelden van tuinkruiden: selderij, peterselie, bieslook, tijm, basilicum, koriander, bonenkruid, dille, dragon, rozemarijn en salie.
Kant- en klare kruidenmixen bestaan vaak voor de helft uit zout en zijn daarom niet geschikt. Er zijn ook kruidenmengsels zonder zout te koop. Deze zijn te herkennen aan de term ‘natriumarm’ of ‘zonder toegevoegd zout’. Bijvoorbeeld de natriumarme kruidenmengsels van Verstegen en Euroma.
Andere soorten zout?
Zeezout bevat net zoveel zout als gewoon keukenzout. Dit geldt ook voor andere zouten zoals Himalayazout, selderijzout, knoflookzout, uienzout etc.
Vochtbeperking bij vochtophoging in de buikholte (ascites)
Bij sprake van ascites zal mogelijk een vochtbeperking nodig zijn. De arts zal besluiten hoeveel vocht per dag gebruikt mag worden.
Wat telt als vocht?
Bijna alle voedingsmiddelen bevatten vocht. De volgende voedingsmiddelen worden als vocht meegeteld:
- Alle dranken zoals water, thee, koffie, melk, frisdrank, vruchtensap en alcoholische dranken.
- Alle vloeibare producten die met een lepel gegeten kunnen worden, waaronder soep, pap, vla, yoghurt, appelmoes en ijs.
- Een keer per dag fruit (125 gram, gemiddeld stuk zoals bijvoorbeeld een appel) is toegestaan, voor elk extra stuk fruit dient 100 ml vocht gerekend te worden.
- Vocht in de warme maaltijd en in ‘vaste’ voedingsmiddelen worden niet meegeteld zoals: jam, jus, saus, vocht in groente, vlees, aardappelen, pasta en rijst.
Praktische tips
- Volg de natriumbeperking op. Zout trekt vocht aan én geeft meer dorst.
- Het kan helpen om vooraf een verdeling van de hoeveelheid vocht over de dag te maken, om te voorkomen dat er aan het einde van de dag niets meer gedronken mag worden.
- Het kan helpen om het vochtgebruik te meten, om inzicht te krijgen. Vul het zojuist gebruikte kopje of glaasje met water en schenk dit in een maatbeker. Aan het einde van de dag is het vochtgebruik inzichtelijk.
- Meet de inhoud van de gebruikelijke kopjes, glazen en schaaltjes.
- Gebruik kleine kopjes en glazen, om vaker wat te kunnen drinken.
- Neem kleine slokjes of gebruik een rietje.
- Spoel de mond regelmatig met koud water (slik niet door!).
- Gebruik dranken en vloeibare gerechten warm of heel koud.
- Neem medicatie in overleg met de arts in met een lepel vla, yoghurt of appelmoes. Dit bevat veel minder vocht dan een glas water.
- Verdeel fruit in partjes/stukjes en bewaar die in de koelkast. Neem een stukje bij dorst.
- Probeer tijdens de maaltijden niet teveel te drinken. Het gebruik van smeerbaar beleg op brood zoals jam of smeerkaas maakt de broodmaaltijd smeuïger wat de behoefte om te drinken minder maakt.
- Het zuigen op een ijsklontje helpt het dorstgevoel te verminderden.
- Door kauwgum te kauwen worden de speekselklieren gestimuleerd en wordt de mond minder snel droog. Ook het zuigen op een zuurtje of pepermuntje helpt bij een droge mond.
- Door goed te kauwen, wordt de speekselaanmaak gestimuleerd en is het eten minder droog.
- Zoete dranken lessen minder goed de dorst dan (koud) water, thee, zure melkproducten en zure vruchtensappen.
Contact
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u bellen naar Diëtetiek via 088 125 00 00 op werkdagen tussen 8.00 uur en 13.00 uur, stuur een e-mail naar dietetiek@adrz.nl of gebruik het contactformulier. Deze worden vaak dezelfde werkdag nog in behandeling genomen.