Lees hier de laatste informatie over het coronavirus bij Adrz.

Tijdens uw bezoek aan de oogarts heeft u te horen gekregen dat u in aanmerking komt voor een SLT-behandeling. Deze folder geeft u informatie over glaucoom en de SLT-behandeling.

Wat is glaucoom?

Glaucoom is een aandoening van de oogzenuw, waarbij de zenuwvezellaag dunner wordt en er gezichtsvelduitval ontstaat. De belangrijkste risicofactoren voor het krijgen van glaucoom zijn:

  • een verhoogde oogdruk
  • glaucoom in de familie
  • een leeftijd boven de 40 jaar
  • een Afrikaanse of Aziatische afkomst

Een verhoogde oogdruk is het meest bekend als risicofactor voor glaucoom. De oogdruk wordt bepaald door de aanvoer en afvoer van kamerwater. Het kamerwater wordt aangemaakt in het corpus ciliare (straalvormig lichaam) achter de iris (regenboogvlies) en loopt via de achterste oogkamer (de ruimte tussen de iris en ooglens), via de pupilopening naar de voorste oogkamer (de ruimte tussen het hoornvlies en de iris).

De afvoer van kamerwater vindt plaats in de kamerhoek (de hoek van de voorste oogkamer), via het trabekelsysteem (een soort filtersysteem) richting de kanaaltjes van Schlemm (het afvoerkanaal).

Wanneer er meer kamerwater wordt aangevoerd dan dat er wordt afgevoerd, stijgt de oogdruk. Deze stijging kan te veel druk op de oogzenuw geven, waardoor deze beschadigt en er gezichtsvelduitval ontstaat. De aanmaak en afvoer van kamerwater is een continu proces. Hierdoor kan de oogdruk in de loop van de dag variëren.

Een normale oogdruk zit tussen de 10 en 22 mmHg. Toch betekent een verhoogde oogdruk niet dat u per definitieglaucoom heeft of krijgt. Andersom kunnen mensen met een normale oogdruk ook glaucoom hebben of krijgen.

De diagnose van glaucoom vindt plaats op basis van verschillende onderzoeken, zoals:

  • een oogdrukmeting
  • een beoordeling van de oogzenuw (evt. met behulp van de OCT-scan, waarbij de dikte van de zenuwvezellaag gemeten wordt)
  • een beoordeling van de kamerhoek
  • een dikte meting van het hoornvlies
  • een gezichtsveldonderzoek