Door een technische storing is Mijn Adrz niet bereikbaar. U kunt op dit moment uw dossier niet raadplegen. We werken aan een oplossing. Probeer het later nog eens.

Adrz

Leefstijl en adviezen

Hierbij geven wij u een aantal tips om gezond zwanger te worden.

Foliumzuur

Foliumzuur is een zinvolle vitamine om te slikken. Aan vrouwen die zwanger willen worden, adviseren we om dagelijks 1 tablet van 0,5 mg foliumzuur te nemen tot 10 weken zwangerschap. Foliumzuur vermindert de kans op een kind met een open ruggetje. Foliumzuurtabletten zijn zonder recept verkrijgbaar bij de drogist of apotheek; de multivitaminetabletten specifiek bedoeld voor zwangere vrouwen bevatten ook voldoende foliumzuur.

Toxoplasmose

Toxoplasmose is een infectie die ontstaat door een parasiet. Echt ziek wordt u er meestal niet van; lusteloosheid, lichte koorts en/of opgezette klieren zijn symptomen. Heeft u eenmaal toxoplasmose gehad, dan vormt het lichaam antistoffen die afdoende beschermen tegen een nieuwe infectie. In Nederland heeft ongeveer 45% van de zwangere vrouwen geen antistoffen tegen toxoplasmose. Als de moeder vlak voor of tijdens de zwangerschap toxoplasmose heeft, kan het ongeboren kind de infectie krijgen via de placenta. De parasiet wordt overgebracht door ontlasting van katten. Gebruik daarom handschoenen als u in de tuin werkt en laat de kattenbak door iemand anders verschonen. Ook in rauw vlees kan de parasiet voorkomen. Eet daarom geen rauw vlees en eet geen ongewassen groenten of fruit.

Listeria bacterie

Zachte kazen zoals brie, camembert, roquefort, gorgonzola zijn gemaakt van ongepasteuriseerde melk. Dat is rauwe melk, er staat dan ‘au lait cru’ op de verpakking. Ongepasteuriseerde melk kan mogelijk besmet zijn met de listeria bacterie. Dit leidt in zeer zeldzame gevallen tot infectie van het kindje. Daarom is het beter deze producten te vermijden in de zwangerschap. Kazen bereid met gesteriliseerde melk mag u gewoon eten.

Medicijnen

Veel geneesmiddelen passeren de moederkoek (placenta) en beïnvloeden het ongeboren kind. In de eerste drie maanden is het gevaar het grootst. Maar ook daarna kunnen geneesmiddelen schadelijk zijn. Lees altijd de bijsluiter. Daarin moet staan of het medicijn veilig gebruikt kan worden in de zwangerschap.

Bij pijnklachten kunt u paracetamol gebruiken. Lees de bijsluiter voor de juiste dosering. Gebruikt u al voor de zwangerschap medicijnen vanwege een aandoening, bijvoorbeeld hoge bloeddruk of epilepsie, neem dan het liefst voor de zwangerschap of anders zo vroeg mogelijk in de zwangerschap contact op met de behandelend arts. Hij/zij kan dan het advies geven om het geneesmiddel te wijzigen, de dosis te verminderen of helemaal te stoppen. Maar ook om het middel juist te blijven gebruiken omdat stoppen schadelijk kan zijn.

Roken, alcohol en drugs

Roken tijdens de zwangerschap geeft grote risico’s. Zelf roken maar ook veelvuldig verblijf in een rokerige omgeving kan nadelige zijn voor de zwangerschap, omdat het de doorbloeding van de placenta en dus de zuurstoftoevoer naar het kind vermindert. Hierdoor bestaat het risico dat het kind minder goed groeit. Tijdens hun eerste levensjaren hebben kinderen van rokers vaker ziekten aan de luchtwegen en ook wiegendood komt vaker voor in gezinnen waar gerookt wordt. Het advies is: stop met roken. We kunnen u hierbij helpen volgens de V-MIS methode.

Alcohol is schadelijk voor het ongeboren kind. Grote hoeveelheden alcohol kunnen aangeboren afwijkingen veroorzaken aan het centrale zenuwstelsel, het hart en het gezicht. Voor de bevruchting tot en met de borstvoeding is het verstandig geen of zo weinig mogelijk alcohol te gebruiken. Het beste advies blijft: geen alcohol tijdens de zwangerschap.

Gebruik van harddrugs (amfetaminen, xtc, heroïne en cocaïne) in de zwangerschap is zeer schadelijk voor het ongeboren kind. Vroeggeboorte komt vaker voor en het risico op overlijden vlak voor of vlak na de geboorte is hoger. Het kind raakt in de baarmoeder al verslaafd. De baby moet direct na de geboorte op een couveuseafdeling opgenomen worden om af te kicken. Net als bij roken kan door gebruik van softdrugs (marihuana of hasj) groeiachterstand en vroeggeboorte optreden. Meld het gebruik van drugs bij de zwangerschapscontrole!

Rust

Moeheid is een vaak gehoorde klacht van zwangere vrouwen. Een zwangerschap eist nu eenmaal veel van uw lichaam. Zeker op het einde van de zwangerschap kan de dikke buik behoorlijk in de weg zitten, waardoor u niet meer in je favoriete houding kunt liggen. U moet ’s nachts regelmatig plassen en daarna is het moeilijk om de slaap weer te vatten. Leg wat kussens in uw rug of onder uw buik. Drink ’s avonds geen koffie. Een avondwandelingetje en een beker warme melk kunnen helpen. Soms is de vermoeidheid te verklaren door een gebrek aan ijzer. We bepalen daarom regelmatig het ijzergehalte in uw bloed (het Hb-gehalte). Als dat te laag is, krijgt u ijzertabletten voorgeschreven. Geef gewoon toe aan de verhoogde slaapbehoefte. De bloeddoorstroming van de baarmoeder en de placenta is het meest optimaal als uw op de linkerzij ligt.

Sauna/zonnebank

Of een hoge omgevingstemperatuur tijdens de zwangerschap kwaad kan, is niet bekend. Er zijn aanwijzingen dat de kans op een kind met een open ruggetje toeneemt bij verhoogde lichaamstemperatuur in het begin van de zwangerschap. Tijdens de zwangerschap verandert de warmteregeling van het lichaam. Vaak verdraagt u warmte slechter of ervaart u het als onaangenaam. Daarom is het beter in de eerste drie maanden niet naar de sauna te gaan. Hetzelfde geldt voor hete baden en de zonnebank. De zonnebank kan een bruine verkleuring van de gezichtshuid (zwangerschapsmasker) veroorzaken of verergeren.

Seksualiteit

Hoe iemand seksualiteit beleeft tijdens de zwangerschap, verschilt per persoon. De fysieke en emotionele veranderingen zijn vaak groot en hebben invloed op zin in seks en de beleving ervan. In het begin doen vaak de misselijkheid en de vermoeidheid de zin verminderen en tijdens de laatste weken van de zwangerschap zit de buik in de weg. In de tussenliggende periode hebben veel vrouwen juist weer meer behoefte aan seks.

Mannen kunnen door de zwangerschap wat onzeker worden. Soms is er de angst dat ze het kind tijdens het vrijen beschadigen. Die angst is ongegrond. Door een vrijpartij bevalt u nooit te vroeg. Als u te vroeg bevalt na seks, zou u ook te vroeg bevallen zijn zonder. Het is mogelijk dat u na geslachtsgemeenschap een klein beetje bloed verliest. Er is dan een bloedend wondje ontstaan. Schrik daar niet van, het bloeden houdt meestal vanzelf weer op. Als het bloedverlies aanhoudt, neem dan met ons contact op. Seks raden we af bij vaginaal bloedverlies, bij weeën activiteit vóór 37 weken zwangerschap en bij gebroken vliezen.

Sport

Lichaamsbeweging heeft voor zwangere vrouwen veel voordelen. De conditie blijft op peil, de spieren worden steviger en u vermindert de kans op aambeien, spataderen en obstipatie. Zwemmen, wandelen en fietsen kunt u de hele zwangerschap doen. Sommige sporten zoals aerobics, hardlopen en wintersport zijn toegestaan, zolang u goed naar de signalen van je lichaam luistert. Sporten die afgeraden worden, zijn: vechtsporten, krachtsporten, turnen, trampolinespringen, paardrijden en duiken.

Zwangerschapscursus

Er worden verschillende cursussen aangeboden die u kunnen helpen om gezond en fit te blijven tijdens de zwangerschap. Zoals zwangerschapsyoga, zwangerschapsmassage, zwangerschapspilates, zwangerschapszwemmen, ZwangerTotaal et cetera. Ook kunnen deze cursussen voor u en uw partner een manier zijn om u voor te bereiden op de bevalling. Uiteraard is het niet verplicht om een zwangerschapscursus te volgen.

Tandarts

Goede en regelmatige gebitsverzorging is belangrijk, zeker in de zwangerschap, want er bestaat een relatie tussen vroeggeboorte en slechte gebitsverzorging. Er bestaat meer kans op bloedend tandvlees door hormonale veranderingen. Als er verdoving nodig is of er moeten röntgenfoto’s gemaakt worden, gebeurt dat zonder gevaar.

Voeding en vitaminen

Tijdens de zwangerschap is het belangrijk gezond en gevarieerd te eten. ‘Eten voor twee’ is niet nodig. Bij een goede en gevarieerde voeding is het niet nodig extra vitaminen te gebruiken, met uitzondering van foliumzuur.

Meer info

Kenmerken van borstkanker

Soms zijn er nog kenmerken in de tumor die ervoor zorgen dat de tumor kan groeien. De tumor is dan gevoelig voor bijvoorbeeld hormonen of een bepaald eiwit. ook hierin is een onderverdeling gemaakt.

  • De tumor kan groeien onder invloed van hormonen (oestrogeen en progesteron). Als de tumor niet hormoongevoelig is, groeit deze niet onder invloed van hormonen.
  • De tumor kan ook groeien onder invloed van een bepaald eiwit. We noemen dit dan HER2-positief. Als de tumor niet gevoelig is voor dit eiwit noemen we dit HER2-negatief.
  • Als de tumor niet gevoelig is voor hormonen en ook niet voor het eiwit HER2 dan noemen we dat triple negatief.

Invasieve groei

De tumor ontstaat in de melkgang of melkklier en groeit naar het omliggende weefsel door. Ook dan is er een verdeling:

  • Invasieve ductale tumor: De tumor is in de melkgang ontstaan en is doorgegroeid. Dit komt het meest voor. Het is te voelen als een harde knobbel.
  • Invasieve lobulaire tumor: De tumor is in de melkklier ontstaan en is doorgegroeid. Dit komt voor bij 5 tot 15% van de vrouwen. Meestal is er alleen een zwelling in de borst te voelen.

Soorten borstkanker

Borstkanker kan op verschillende plaatsen in de borst ontstaan.

  • Ductaal: dit betekent dat de kanker is ontstaan in een melkgang. Deze vorm komt het meeste voor.
  • Lobulair: dit betekent dat de kanker is ontstaan in een melkklier.
  • Daarnaast zijn er ook zeldzamere vormen van borstkanker.

Contactgegevens

Als u vragen heeft over de radiologieonderzoeken of de planning, kunt u contact opnemen met de afdeling Radiologie.
Telefoonnummer Radiologie: 088 125 43 60
E-mailadres: bvt.borstzorgcentrum@adrz.nl

Voor de overige vragen over vervolgafspraken en onderzoeken, kunt u contact opnemen met het Borstzorgcentrum.
Telefoonnummer Borstzorgcentrum: 088 125 51 39 (maandag t/m vrijdag 8.00-12.30 uur en 13.30-16.00 uur)
E-mailadres: borstzorgcentrum@adrz.nl

Gezonde borsten

Wat kunt u zelf doen?

Borstkanker voorkomen kan niemand. Wel weten we dat je met een gezonde, actieve leefstijl en de juiste aandacht voor de borsten de kans op borstkanker kunt verkleinen.

Ken de borsten

Borstzelfonderzoek is een prima manier om uw borsten goed te leren kennen. Borstzelfonderzoek zo nu en dan maakt u vertrouwd met uw borsten. Veranderingen in de borsten merkt u dan sneller op. Houdt zo’n verandering langere tijd aan, trek dan aan de bel bij uw huisarts. Om de borsten goed te controleren is het belangrijk om te weten wat voor u normaal is. Elke vrouw zal wel herkennen dat de borsten gedurende de menstruele cyclus wisselend kunnen (aan)voelen. Soms zijn de borsten wat voller, meer gespannen en/of gevoeliger dan anders. Borstzelfonderzoek voorkomt niet dat u borstkanker krijgt.

Waar let u op bij borstzelfonderzoek?

  •     een verharding van de borst
  •     een deuk in de borst
  •     huidverandering (ook: slecht genezend plekje)
  •     warm aanvoelende borst met een rode verkleuring van de huid
  •     vocht uit de tepel (bloederig, waterig, groen van kleur of melkachtig)
  •     putjes in de borst
  •     een bult op de borst
  •     een dikke ader in de borst
  •     ingetrokken tepel (tenzij je dat altijd al had)
  •     vorm of grootte van borst verandert
  •     schilfering en roodheid (sinaasappelhuid) van de borst
  •     een ongewoon knobbeltje in de borst (niet altijd zichtbaar)
  •     pijnlijke, anders aanvoelende plek in de borst
  •     zwelling in de oksel

Bent u met een klacht verwezen voor verder onderzoek en is de uitslag goedaardig? Dan kunnen er verschillende dingen geconstateerd zijn.

De uitslag van onderzoek laat een goedaardige afwijking zien

De uitslagen waren bij u goedaardig, maar wat betekent dit dan? Is het nodig om het te laten controleren en waar kunt u zelf op letten? Vragen die u misschien bezig houden na de opluchting die u voelde toen de uitslag goed bleek te zijn. Hier leest u welke goedaardige aandoeningen er bestaan en wat geadviseerd wordt ten aanzien van controle en risico’s.

Het echo-onderzoek

U meldt zich op het afgesproken tijdstip aan de balie van de afdeling radiologie. Op de afdeling radiologie haalt een doktersassistent(e) / laborant(e) u op uit de wachtkamer. Voordat het onderzoek begint, legt hij / zij u uit wat er gaat gebeuren. Uiteraard kunt u altijd vragen stellen als u iets niet begrijpt.
Tijdens het onderzoek ligt u op een onderzoekstafel. Er wordt een gel op het te onderzoeken lichaamsdeel aangebracht. Met behulp van een transducer (hulpmiddel waarmee de beelden worden gemaakt) wordt het te onderzoeken lichaamsdeel in beeld gebracht op het beeldscherm.

Duur van het onderzoek

Het onderzoek duurt ongeveer 10 – 15 minuten.

Uitslag van het onderzoek

De uitslag krijgt u van uw behandelende arts.

Verhinderd

Kunt u niet naar het onderzoek komen, wilt u dit dan tenminste 24 uur voor het onderzoek melden bij de afdeling radiologie. In uw plaats kunnen we dan een andere patiënt helpen.

 

 

Aanmelden bij de digitale aanmeldzuil

Bij een bezoek aan Adrz in Vlissingen komt u binnen in een lange hal. Aan het einde van deze hal vindt u 3 digitale aanmeldzuilen waar u zich kunt aanmelden. Elke keer dat u het ziekenhuis bezoekt, dient u zich hier aan te melden.

Om u aan te melden, gebruikt u een geldig identiteitsbewijs (paspoort, rijbewijspas of identiteitskaart). Komt u voor een afspraak van uw kind? Dan moet het identiteitsbewijs van uw kind worden gescand. De identificatieplicht in de zorg stelt dat kinderen vanaf 0 jaar zich moeten kunnen identificeren in een ziekenhuis.

De aanmeldzuil geeft u informatie over uw afspraak en persoonlijke gegevens. In sommige gevallen verwijst de aanmeldzuil u naar de receptie, in andere gevallen krijgt u een bon.

Verwijzing naar de receptie

Als de aanmeldzuil u naar de receptie verwijst, meldt u zich hier aan. De receptioniste vertelt u vervolgens in welke wachtruimte u plaats kan nemen. Volg de bewegwijzering naar deze wachtruimte en neem plaats. De arts of verpleegkundige roept u op.

U krijgt een bonnetje

Voor de meeste afspraken verloopt de aanmelding volledig digitaal. Na het aanmelden bij de aanmeldzuil, ontvangt u een bonnetje.

Stap 1

Met dit bonnetje neemt u plaats in de centrale hal. Houd goed zicht op de schermen die hier hangen. Zodra u nummer op dit scherm verschijnt, ziet u in welke wachtruimte u wordt verwacht. Volg de bewegwijzering naar deze wachtruimte.

Stap 2

Aangekomen in de wachtruimte scant u uw bon bij het daarvoor bestemde paaltje. De arts of verpleegkundige weet nu dat u in de wachtruimte zit. Neem plaats in de wachtruimte en houd ook hier weer zicht op het scherm. Zodra u aan de beurt bent, verschijnt het nummer van uw bonnetje en het kamernummer waar de arts of verpleegkundige u verwacht voor uw afspraak.

Cliëntenraad

U kunt de Cliëntenraad per e-mail of per brief benaderen over onderwerpen die een bijdrage kunnen leveren aan de verbetering van Adrz of deskundige en patiëntvriendelijke zorg. Dit kan via:

Bekijk de pagina van de Cliëntenraad voor meer informatie.

Data voorlichtingsavonden

Data voorlichtingsavonden

  • woensdag 18 maart 2020 – 19.00 uur (vol)
  • woensdag 18 maart 2020 – 20.00 uur (vol)
  • woensdag 22 april 2020 – 19.00 uur (vol)
  • woensdag 20 mei 2020 – 19.00 uur (vol)
  • maandag 8 juni 2020 – 19.00 uur
  • woensdag 9 juli 2020 – 20.00 uur

Locatie

Voor de voorlichtingsavond verwachten wij u op de eerste verdieping, verzamelen bij de ronde rode bank bij Adrz in Goes.

Kinderreumatologie

Reuma is een verzamelnaam voor een groot aantal aandoeningen dat klachten geeft aan gewrichten, spieren, pezen of botten. Ontstekingen spelen bij veel reumaziektes een belangrijke rol.

Academische zorg in Adrz

Reumatische ziekten komen niet vaak voor bij kinderen. Wel zijn er veel kinderen met spier- en gewrichtsklachten. Deze kinderen worden in Adrz gezien door kinderarts Jolanda van Keulen. Eens in de 3 maanden komt kinderreumatoloog Philomine van Pelt van het Erasmus MC naar Adrz. De artsen hebben dan een gezamenlijk spreekuur. Zo voegen we de brede kennis van de kinderarts samen met de gespecialiseerde kennis van de kinderreumatoloog en kunnen we in Adrz academische zorg bieden.

Afwisselend Adrz en Erasmus MC

Kinderen met reuma of een andere reumatische ziekte hebben afwisselend een afspraak in Adrz en het Erasmus MC in Rotterdam. Dat scheelt veel reistijd. Bloedonderzoek kan vaak bij Adrz worden gedaan. De lijnen tussen Adrz en het Erasmus MC zijn kort en zowel patiënten als artsen hebben baat bij de samenwerking. Bij tussentijdse problemen kunnen u of uw kind altijd contact opnemen met een van de artsen.

Aanhoudende lichamelijke klachten bij kinderen

Soms zijn kinderen of jongeren moe en lusteloos, is het concentratievermogen minimaal of hebben ze chronische klachten. Denk aan hoofdpijn, buikpijn of gewrichts- en spierpijn. Het kan dan zijn dat sprake is van Aanhoudende Lichamelijke Klachten (ALK). Of dit zo is, onderzoeken we op de ALK-polikliniek.

Ruime ervaring met ALK

Adrz heeft samen met Behandelcentrum DOK018 de ALK-polikliniek voor kinderen opgezet. De polikliniek heeft iedere maand een spreekuur. Dit spreekuur wordt gehouden door kinderarts Jolanda van Keulen van Adrz en gespecialiseerd kinderfysiotherapeut Gert Dedel van DOK018. Beiden hebben ruime ervaring in het begeleiden van kinderen met ALK-klachten.

Lichamelijk onderzoek en aandacht voor kind en gezin

Tijdens de afspraak wordt uw kind lichamelijke goed onderzocht. Daarnaast hebben de behandelaars veel aandacht voor kind en gezin als geheel. Ook worden de eventuele behandelopties besproken en wordt wanneer nodig aanvullend onderzoek gedaan. Vaak zijn er meerdere oorzaken voor de klachten van uw kind. Daarom is soms een uitgebreidere behandeling nodig waarbij andere specialisten betrokken zijn. Bijvoorbeeld een psycholoog voor extra ondersteuning. Bij problemen op school wordt ook hier de samenwerking opgezocht.

Verwijzing ALK-spreekuur

Voor het ALK-spreekuur is een verwijzing nodig van de huisarts of GGD-arts.

Borstreconstructies

Borstreconstructies zijn operaties waarbij de borst hersteld wordt na verwijdering van een tumor. Deze operaties worden veelal tegelijkertijd met de chirurgische operatie uitgevoerd, zodat de patiënt maar één keer een operatie hoeft te ondergaan. De borstreconstructies worden uitgevoerd onder auspiciën van het borstcentrum Zeeland. De plastisch chirurgen Bakal, Meij en Van den Dwey zijn gespecialiseerd in borstoperaties. Physician Assistant, Maxime Lefeber kan assisteren bij de operaties.

Methodes borstreconstructie

In het kader van Breast Reconstruction Awareness (BRA) Day hield plastisch chirurg F. Bakal op 20-11-2021 een webinar over de verschillende methodes van borstreconstructie. Het webinar was bedoeld voor vrouwen die een reconstructie overwegen of gehad hebben, en daarnaast voor huisartsen,verpleegkundigen en operatieassistenten. Het webinar is terug te kijken via het YouTube kanaal van Adrz.

In de media

In de uitzending van RADAR op maandag 12 december werden aan de Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie (NVPC) een aantal vragen gesteld over de veiligheid van (siliconen) borstimplantaten. Vanuit de vakgroep Plastische Chirurgie willen wij graag benadrukken dat wij enkel met bewezen veilige producten werken en alle richtlijnen van onze beroepsvereniging NVPC volgen.

Perifere zenuwchirurgie

Tintelingen, een doof gevoel of pijn in de handen en voeten kan worden veroorzaakt door een verminderd functioneren of beschadiging van een zenuw buiten de hersenen of het ruggenmerg. Een veel voorkomende aandoening is het carpaal tunnel syndroom (CTS) waarbij sprake is van een beklemming van de middelste handzenuw ter hoogte van de pols. Dit veroorzaakt pijn, tintelingen of een doof gevoel in de vingers en de handpalm. Voordat tot operatie wordt overgegaan zal in aanvulling op het lichamelijk onderzoek in de meeste gevallen een electromyogram (EMG) worden gemaakt door de neurochirurg. Hierdoor neemt de zekerheid van de diagnose toe. Als fysiotherapie geen afdoende oplossing is, kan de plastisch chirurg besluiten tot een operatie.

Intakeverpleegkundige

De meeste patiënten die een geplande ingreep of behandeling moeten ondergaan komen bij de intakeverpleegkundige. Zij neemt een verpleegkundig anamnesegesprek af. Dit is een vraaggesprek om informatie van u te krijgen die relevant is voor de ingreep en zorg die u krijgt. Daarnaast geeft zij uitleg over wat er voor en na de ingreep gebeurd. Hiermee bent u goed geïnformeerd over de ingreep en weet u wat u te wachten staat.

De intakeverpleegkundige vraagt u ook om naam en telefoonnummer van uw contactpersoon. U kunt maximaal twee contactpersonen opgeven.

Operatieplanning

Zodra er groen licht is voor uw operatie én zicht is op een operatiedatum, neemt de opnameplanner contact met u op. Bent u in een bepaalde periode niet beschikbaar voor uw behandeling? We horen het graag van u. Dan houden we hier rekening mee met de planning.

Doktersassistente

De doktersassistente neemt met u de vragenlijst door en neemt de controles bij u af.

Indien nodig wordt ook een ECG (hartfilmpje) bij u gemaakt.

Apotheek Service Punt

De medewerker van het Apotheek Service Punt (ASP) neemt uw medicijngebruik met u door en legt dit vast. Het is belangrijk dat u in het gesprek alle geneesmiddelen meldt die u gebruikt. Neem daarom een actueel medicatieoverzicht mee naar dit gesprek, ook van de middelen die u bij uw drogist of apotheek koopt zonder recept. De apothekersassistent vraagt bij uw apotheek ook een overzicht op van uw medicijnen. Tijdens uw ziekenhuisopname is de ziekenhuisapotheker verantwoordelijk voor de middelen die u gebruikt en om te zorgen dat uw behandelend arts precies weet wat u gebruikt. Uw behandelend arts beslist met welke geneesmiddelen u moet doorgaan, of dat het beter is dat een geneesmiddel wordt aangepast, vervangen of gestopt voor uw opname.

Mocht u niet akkoord gaan met het opvragen van het geneesmiddelen overzicht bij uw ‘eigen’ apotheek, dan kunt u dit kenbaar maken bij uw eigen apotheek.

Anesthesiespreekuur

Voor de operatie maakt u kennis met de anesthesioloog (of anesthesieverpleegkundige). Dit is de arts die zich heeft gespecialiseerd op de verschillende vormen van anesthesie (gevoelloosheid/verdoving), pijnbestrijding en intensieve zorg rondom de operatie.

De anesthesioloog is op de hoogte van uw aandoening. Hij of zij stelt u vragen over uw gezondheid, welke medicijnen u gebruikt en of u allergisch bent voor bepaalde medicijnen. Zo krijgt de anesthesioloog een indruk van uw gezondheid en welke vorm van verdoving het meest geschikt is voor u. Voordat u bij de anesthesioloog verschijnt, vult u de ‘Vragenlijst Preoperatief Onderzoek’ in. Deze vragenlijst ontvangt u op de polikliniek.

Cardiovasculaire nazorgpoli

De polikliniek is open van maandag t/m donderdag van 09.00 uur t/m 17.00. Op de cardiovasculaire nazorgpoli werken twee gespecialiseerd verpleegkundigen. In deze folder vindt u meer informatie over deze speciale poli.

Hartfalenpolikliniek

De Hartfalenpolikliniek begeleidt en behandelt patiënten met hartfalen intensief. Hierdoor hoeven zij minder vaak opgenomen te worden in het ziekenhuis. Patiënten met hartfalen worden naar de Hartfalenpoli verwezen door de cardioloog of verpleegkundig specialist Cardiologie, wanneer zij op een afspraak zijn geweest of in het ziekenhuis hebben gelegen.

De Hartfalenpoli wil het volgende:

  • Samen met u de kwaliteit van uw leven stabiliseren en verbeteren.
  • Een ziekenhuisopname voorkomen – daarom verbeteren we de medische en verpleegkundige behandeling samen met de cardioloog en de verpleegkundig specialist.
  • Uw zelfzorg en zelfmanagement ondersteunen – kunt u goed kunt omgaan met de symptomen, behandeling en leefregels die bij hartfalen zo belangrijk zijn.

Kijk voor meer informatie over de Hartfalenpoli en hartfalen in onze folder.

Zindelijkheidspolikliniek

De Zindelijkheidspolikliniek is er voor kinderen met problemen met poepen en plassen. Problemen kunnen zijn: verstopping, poepongelukjes, plasongelukjes, bedplassen of vaak overdag moeten plassen. Deze problemen kunnen veel invloed hebben op het welzijn van het kind en gezin. Daarom heeft Adrz extra aandacht voor deze kinderen.

Onderzoek door kinderarts

Kinderen met zindelijkheidsproblemen komen, na een doorverwijzing van de huisarts, eerst terecht bij de Kinder- en Jeugdpolikliniek van Adrz. Een kinderarts onderzoekt of er lichamelijke problemen zijn, geeft de eerste adviezen en schrijft eventueel medicijnen voor. Als het probleem moeilijk of hardnekkig is, kan de arts het kind doorverwijzen naar de Zindelijkheidspolikliniek.

Team Zindelijkheidspolikliniek

In het gespecialiseerde team van de Zindelijkheidspolikliniek werken zorgverleners met verschillende achtergronden samen (afhankelijk van de hulpvraag):

  • De kinderarts naar wie uw kind is verwezen
  • Kinderurotherapeut Petra den Hollander
  • Kinder- en jeugdpsycholoog Kristie Nijssen-de Schipper
  • Kinderbekkenbodemfysiotherapeuten uit:
    • Middelburg (Marian Bloks, Emma Hermans, Digna Pageé)
    • Goes (Gilde Stuifzand)
    • Kortgene (Marian Bloks)
    • Zierikzee (Myrthe van Bendegem)

Gezamenlijk overleg

Om de drie maanden houdt het team van de Zindelijkheidspolikliniek een gezamenlijk (multidisciplinair) overleg. Hierbij kijken ze goed naar de hulpvraag en naar de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van het kind. Op basis daarvan wordt gekeken welke informatie, training en eventueel medicatie nodig is om het probleem aan te pakken.

Plasklas

De kinderurotherapeut organiseert soms een plasklas. In een dagdeel wordt dan onderzoek gedaan, krijgen kinderen en ouders/verzorgers uitleg en wordt training gegeven.

Meer informatie

Kijk voor meer informatie:

Download indien gewenst de poepkalender

Kinder- en Jeugdpsychologie

De medisch kinder- en jeugdpsycholoog is gespecialiseerd in kinderen met lichamelijke klachten, zindelijkheidsproblemen, psychosociale problemen en klachten waarvoor geen duidelijke medische verklaring is gevonden. Ook ziet de kinder- en jeugdpsycholoog kinderen die een chronische ziekte hebben.

Inschakelen medisch kinder- en jeugdpsycholoog

De medisch kinder- en jeugdpsycholoog wordt ingeschakeld als de arts van uw kind vermoedt dat er naast medische problemen sprake is van psychologische of pedagogische problemen. Bijvoorbeeld:

  • Als er een vermoeden is van ontwikkelingsproblemen.
  • Als er vragen zijn over het ontwikkelingsniveau.
  • Als het kind gedragsproblemen heeft.
  • Als er een vermoeden is dat gezins- of omgevingsfactoren van invloed zijn op de problemen.
  • Als er vragen zijn over omgaan met een chronische ziekte en het gedrag van het kind.
  • Als een kind angst heeft voor bijvoorbeeld prikken, medische ingrepen of hier een traumatische ervaring mee heeft gehad.
  • Als een kind zindelijkheids-, slaap- of huilproblemen heeft.

Uw kind en u worden uitgenodigd voor een gesprek met de medisch kinder- en jeugdpsycholoog. Tijdens dit gesprek komen verschillende onderwerpen aan bod. Zoals de reden van de verwijzing en vragen over de ontwikkeling en leefsituatie van uw kind. Ook worden mogelijke vervolgstappen besproken. Denk aan een (neuro)psychologisch onderzoek en behandeling en begeleiding. Soms wordt uw kind doorverwezen naar een organisatie die uw kind beter kan helpen.

Uitgebreid psychologisch onderzoek

De medisch kinder- en jeugdpsycholoog probeert een zo volledig mogelijk beeld van de mogelijkheden en de problemen van uw kind te krijgen. Dit gebeurt via een uitgebreid psychologisch onderzoek. Hierbij wordt onderzocht wat de intelligentie, interesses, karaktereigenschappen, sterke en minder sterke kanten en geheugen- en concentratiespanne van uw kind zijn. Voor het psychologisch onderzoek wordt een aparte afspraak gemaakt.

Behandeling

Afhankelijk van de leeftijd en de problematiek kunt u als ouders het advies krijgen om hun kind verder door de medisch kinder- en jeugdpsycholoog te laten behandelen. Via gesprekken, gedragstherapie of traumatherapie krijgen u en uw kind vaardigheden aangeleerd om met de problemen om te gaan. Ook is er de mogelijkheid om de groepsles OP KOERS te volgen. Tijdens deze lessen leren kinderen met een chronische ziekte omgaan met de problemen die zo’n ziekte met zich mee kan brengen.

Medewerkers Kinder- en Jeugdpsychologie

  • GZ- psycholoog Kristie Nijssen-de Schipper
  • Psycholoog Carola van Gilst
  • Orthopedagoog generalist Sandra van den Berge
  • Stagiair masteropleiding medische kinder- en jeugdpsychologie

Meer informatie

Algemene informatie kinderdagbehandeling

WGBO

In de Wet op de Geneeskundige Behandeling Overeenkomst (WGBO) staan specifieke regels voor het geven van informatie aan en het verkrijgen van toestemming van minderjarigen en/of hun vertegenwoordigers(s). Dit is afhankelijk van de leeftijd van het kind.

Over de WGBO hebben we ook een folder met uitleg over de wet voor kinderen.

Kinderen tot 12 jaar

Voor een onderzoek of behandeling van een kind jonger dan twaalf jaar is toestemming van de ouder(s)/voogd vereist. Het kind zelf hoeft geen toestemming te geven, maar heeft recht op informatie die in begrijpelijke woorden wordt gegeven afhankelijk van het ontwikkelingsniveau.

Kinderen van 12 tot en met 15 jaar

Voor een medische behandeling van kinderen tussen de twaalf en vijftien jaar moeten zowel de ouders als het kind toestemming geven.

Jongeren van 16 jaar en ouder

Vanaf zestien jaar mogen jongeren zelf een behandelingsovereenkomst aangaan met de hulpverlener. Dat wil zeggen dat informatie over onderzoeken en behandeling in eerste instantie met de jongeren zelf wordt besproken. Zij moeten zelf toestemming geven voor onderzoeken en behandelingen.

Voor uitzonderingen op deze regels en uitgebreide informatie kunt u kijken op de website WGBO.nl of Kindenziekenhuis.nl

Weer thuis

Na verblijf in het ziekenhuis moeten kinderen vaak weer wennen aan de thuissituatie. Sommige kinderen willen geen moment alleen zijn, zijn prikkelbaar, rusteloos of juist erg in zichzelf gekeerd. Opnieuw duimzuigen, bedplassen of angstig dromen zijn dingen die voor kunnen komen. Praten over het ziekenhuis kan uw kind helpen de ervaringen te verwerken. Met aandacht, warmte en geduld verdwijnt dit gedrag vaak binnen enkele weken. Gebeuren er dingen waarmee u geen raad weet, dan kunt u altijd advies vragen aan de huisarts.

Dag van de operatie op de Kinderdagbehandeling

Nuchter

Voor de operatie moet uw kind nuchter zijn. Als u kind niet nuchter is wordt de operatie uitgesteld of geannuleerd.

  • Wanneer de operatie voor 12.00 uur plaatsvindt mag het kind vanaf middernacht niets meer eten.
  • Wanneer de operatie na 12.00 uur plaatsvindt mag het kind tot 7.00 uur in de ochtend nog een licht ontbijt nuttigen (beschuit zonder boter of beleg).
  • Drinken mag wel, onder de volgende voorwaarden:
Minimaal aantal uren voor operatie/behandeling
Glaasje (150 ml) heldere dranken: water, appelsap, heldere thee (geen koolzuurhoudende dranken) 1 uur
Borstvoeding 4 uur
Melk 6 uur

Kleding en begeleiding

  • Uw kind kan tot de leeftijd van 10 jaar een eigen pyjama aan op de operatiekamer, kinderen ouder dan 10 jaar krijgen een operatiehemd van het ziekenhuis.
  • Uw kind mag een knuffel, speeltje en/of speen meenemen naar de operatiekamer.
  • Sieraden en nagellak zijn verboden op de operatiekamer, zowel voor uw kind als voor uzelf.
  • Laat waardevolle spullen thuis.

​Ouder/begeleider en Inleiding

U mag bij uw kind blijven totdat hij/zij onder narcose is, dit geldt voor zowel een geplande als een spoedoperatie. Bij de inleiding mag één ouder/verzorger aanwezig zijn. Als u meegaat naar de operatiekamer krijgt u beschermende kleding aan die de eigen kleding volledig bedekt. Als uw kind ontwaakt, mag u weer bij hem/haar zijn.

Na de operatie, naar huis

Kinderen die een goede pijnbestrijding krijgen na een operatie herstellen sneller. Daarom is het belangrijk dat u of uw kind regelmatig aan de verpleegkundige laat weten of de pijnmedicatie goed helpt. Pijnmedicatie wordt op vaste tijden gegeven. Hierdoor ontstaat een continu pijnstillend effect. Zo nodig kan de pijnstilling aangepast worden. Het is afhankelijk van de aard van de ingreep wanneer uw kind weer naar huis mag. Bij dagbehandeling mag uw kind meestal weer naar huis als hij/zij goed wakker is, iets gedronken heeft, niet misselijk is en geplast heeft. Zorg dat u de pijnstillers of een recept mee naar huis krijgt, zoals de anesthesioloog heeft afgesproken.

Pijn

Iedere dagopname of operatie, groot of klein, kan gepaard gaan met pijn. Hiervoor is pijnmedicatie beschikbaar. De verpleegkundigen streven ernaar dat uw kind zo weinig mogelijk pijn heeft. De observatie gebeurt door het vragen van een pijnscore, tenminste 3 keer per dag, met een methode welke is aangepast aan de leeftijd. Op de kinderafdeling of dagbehandeling zijn ook allerlei technieken beschikbaar om uw kind af te leiden als het pijn heeft. De verpleegkundige of pedagogisch medewerker kan u hierover meer informatie geven.

Als uw kind geopereerd is aan zijn/haar neus en/of keelamandelen dan is het noodzakelijk om tot 48 uur na de ingreep op vaste tijden pijnstilling toe te dienen dus ook thuis. U krijgt hierover verdere informatie van de verpleegkundige op de dag van de operatie.

Voorbereiding KNO

Zie folder Neus- en keelamandelen verwijderen bij kinderen.

Op de Kinderdagbehandeling

Op de dag van de operatie wordt u ’s morgens verwacht in het ziekenhuis. Uw kind krijgt op de afdeling zijn/haar (oude) pyjama aan en krijgt een voorbereidend drankje om te drinken en een zetpil toegediend. Vanaf 07.45 uur gaan de kinderen met een kinderverpleegkundige van de afdeling één voor één naar de operatieafdeling. Op de afdeling werken uitsluitend gespecialiseerde kinderverpleegkundigen of kinderverpleegkundige in opleiding onder supervisie. U als ouders/verzorgers bent van harte welkom om bij uw kind te blijven gedurende de gehele periode dat uw kind in het ziekenhuis verblijft.

Speelkamer

Op de kinderdagbehandeling op de ziekenhuis locatie in Goes is een speelkamer waar uw kind onder begeleiding gebruik van kan maken. Laat in dat geval de speelkamer opgeruimd weer achter. Gezien de beperkte ruimte is de speelkamer alleen toegankelijk voor de patiëntjes en hun ouders/verzorgers.

Reacties van het kind

Het is mogelijk dat uw kind zich in het ziekenhuis anders gaat gedragen dan normaal, zoals agressief en koppig zijn of zich van u afkeren. Ook is het mogelijk dat uw kind zich extra aanhankelijk gaat gedragen. Dit zijn reacties op een ongewone situatie. Met wat extra aandacht gaat dit voorbij. Kinderen die doen alsof alles hen onverschillig laat, blijken bij thuiskomst vaak meer van slag dan kinderen die in het ziekenhuis heftig reageren.

U kunt zich zorgen maken over de reactie van uw kind op zijn ziekte, zijn behandeling of het verblijf in het ziekenhuis. Aarzel niet deze problemen te bespreken met de arts, de verpleegkundige of de pedagogisch medewerker. Kind en Ziekenhuis is bereid u telefonisch te woord te staan als u problemen heeft met het verwerken van de opname van uw kind. Het kan ook zijn dat u behoefte heeft om te praten na een operatie. Als u als ouder(s) zelf door de opname in de problemen raakt, kunt u via de betrokken specialist een beroep doen op een orthopedagoog of geestelijk verzorger van het ziekenhuis.

Operatie uitstellen

De operatie wordt uitgesteld in de volgende situaties:

  • direct na een vaccinatie:
    • minder dan twee dagen na een D(K)TP, HIB, MenC, pneumokok en Hepatitis
    • minder dan 12 dagen na de BMR
  • drie weken na een kinderziekte of contact met een kinderziekte.
  • als uw kind kort voor de opname ziek is (verkouden, koorts, diarree, ect.), neem dan contact op met 088 125 43 25