Longkanker kan op verschillende manieren worden behandeld, zoals een operatie, chemotherapie en/of bestraling. Sinds een aantal jaar zijn ook ‘biologicals’ beschikbaar die ervoor zorgen dat groeiprikkels voor tumorcellen worden geblokkeerd.

Operatie

Bij de meeste vormen van longkanker zal de arts in eerste instantie kijken of een operatie mogelijk is. Soms adviseert de arts om eerst chemotherapie en/of bestraling te geven alvorens te opereren. Vaak wordt voor een operatie eerst een kijkoperatie (mediastinoscopie) verricht om vast te stellen of er geen uitzaaiingen rond de luchtpijp zijn. Bij de beslissing of iemand een grote longoperatie kan doorstaan speelt ook mee hoe de functie van de overblijvende long(en) zal zijn (of u genoeg lucht overhoudt om te kunnen ademen) en hoe uw algemene lichamelijke conditie is.

Lees meer informatie over operatief ingrijpen.

Chemotherapie en bestraling

Chemotherapie is een behandeling van kanker met medicijnen. Deze medicijnen heten cytostatica en remmen of stoppen de deling van cellen. Ze bereiken via het bloed bijna alle cellen in het lichaam, zowel de kankercellen als de gewone cellen. De gewone cellen herstellen meestal na de chemotherapie. De groei van de kankercellen wordt geremd. Er bestaat een groot aantal chemotherapeutische geneesmiddelen die op verschillende manieren werken. Vaak worden middelen gecombineerd voor een beter effect. Het is niet te voorspellen hoe de tumor zal reageren op de behandeling met chemotherapie. Uit onderzoek blijkt dat de tumor bij 80% van de patiënten kleiner wordt door chemotherapie en soms zelf helemaal verdwijnt. Helaas komt de tumor vaak terug. Na twee kuren wordt het resultaat van de chemotherapie gemeten met een CT-scan. Als de tumor even groot is gebleven of kleiner is geworden, gaat de behandeling met chemotherapie door.

Behandeling met radiotherapie (bestraling) bestaat uit het toedienen van zeer sterke röntgenstralen die de kankercellen in de tumor doden. Zo’n bestraling is pijnloos en duurt ongeveer 10 tot 15 minuten. Omdat alleen het gebied rondom de tumor wordt bestraald zijn eventuele bijwerkingen meestal plaatselijk. De slokdarm kan ontstoken raken (oesofagitis) en slikklachten veroorzaken. Ook kan gezond longweefsel naast de tumor gaan ontsteken (pneumonitis). De huid op de borst of rug kan soms wat schraal of rood worden. Bestraling gebeurt in het Zuidwest Radiotherapeutisch Instituut (ZRTI).

Lees meer informatie over behandeling met chemotherapie en bestraling.

‘Biologicals’

Sinds een aantal jaren zijn steeds meer zogenaamde ‘biologicals’ beschikbaar. Deze medicijnen (meestal als een dagelijks in te nemen tablet) zijn het resultaat van nader onderzoek naar het groeimechanisme van (long)tumoren. Deze ‘biologicals’ zorgen ervoor dat groeiprikkels voor tumorcellen worden geblokkeerd. Niet elke tumor is hier echter gevoelig voor. Of een tumor hier al dan niet gevoelig voor is, kan in het laboratorium worden nagegaan. Voorwaarde is dat er voldoende celmateriaal voorhanden is (celmateriaal dat afkomstig is van de tumor, via een punktie en/of biopt – weefselstukje). Het kan dus voorkomen dat uw behandelend arts u voorstelt een tweede (groter) weefselstukje te laten wegnemen, om dit in het lab te laten testen.

De waaier aan beschikbare ‘biologicals’ breidt snel uit en het valt te verwachten dat deze medicijnen in de nabije toekomst een steeds grotere rol gaan spelen in de behandeling van (long)tumoren. Het Adrz laat alle patiënten met een niet-plaveiselcel/niet-kleincellig longtumor testen.

Patiënten van wie de tumor gevoelig blijkt te zijn voor een biological kunnen zowel dit medicijn als chemotherapie krijgen indien nodig. Patiënten van wie de tumor niet gevoelig is voor een biological zullen, indien nodig, enkel chemotherapie krijgen.